Over ons

Op vele podia, zoals studiedagen, conferenties en ook digitale discussieforums wisselen cultuur- en kunstvakdocenten  informatie en kennis uit. De kennis is groot maar de uitwisseling is vaak gericht op de succesfactoren in uitvoering en organisatie: hoe organiseer/manage jij, hoe zien jouw lessen eruit, heb jij lessen over dit of dat onderwerp?

Kernvragen zouden moeten zijn: Waarom geef je de lessen? Wat betekent je vak in het totale schoolcurriculum? Welke relaties en overeenkomsten zijn er met de andere vakken? Welke kerneigenschappen van je vak dragen (hoe en wanneer) bij aan de ontwikkeling van de leerling?

Dit zijn de vragen van waaruit men cultuurvakken,waaronder de kunstvakken kan specificeren en onderscheiden ten opzichte van de overige vakken van het curriculum.

 

Mede op grond van deze vragen is het onderzoek Cultuur in de Spiegel opgezet.

 

In juni 2011 verscheen de brief van staatsecretaris Zijlstra: Meer dan kwaliteit: een nieuwe visie op cultuurbeleid. Het kabinet kiest in het programma Cultuureducatie met kwaliteit voor een stevig fundament voor cultuureducatie en maatregelen om scholen en culturele instellingen in staat te stellen de kwaliteit van cultuuronderwijs te borgen.

Het onderzoek Cultuur in de Spiegel, met name het in april 2010 gepubliceerde theoretisch kader biedt dat fundament.

Inmiddels vindt er een langzame maar zekere verschuiving plaats. De gesprekken gaan meer en meer over het waarom van cultuuronderwijs.

Opzet onderzoek

Onderzoekteams Rijksuniversiteit Groningen en SLO
De eerste vraag voor de onderzoekteams van Cultuur in de Spiegel was: Is het mogelijk om cultuuronderwijs te geven met een eigen karakteristiek, anders dan de zaakvakken, en aansluitend bij de ontwikkeling van leerlingen? 

In april 2010 verscheen het theoretisch kader (‘zwarte boekje’) waarin die eigen karakteristiek is omschreven:
Cultuuronderwijs richt zich op de ontwikkeling van het cultureel zelfbewustzijn van de leerlingen. Binnen cultuuronderwijs zijn er variaties, zoals kunst- en media-educatie, literatuuronderwijs, maatschappijleer, erfgoed, geschiedenis en filosofie.
Onderwerp bij cultuuronderwijs is: cultuur en het bewustzijn van cultuur – in al zijn verschillende vormen.

Het kader schrijft niets voor. Het biedt een theoretische basis van waaruit docenten en scholen hun eigen cultuuronderwijs kunnen ontwikkelen en legitimeren.

Ontwerpteams en leerplankader
Op iedere pilotschool is een ontwerpteam samengesteld, waarin docenten onder leiding van een van de promovendi en een leerplankundige van SLO zich buigen over de vraag: hoe kun je met als kennisbasis het theoretisch kader aan cultuuronderwijs werken, rekening houdend met de eigen schoolcultuur en didactiek? Wat hebben de scholen en (vak)secties nodig om hun keuzes te kunnen maken?

De uitvoering van het cultuuronderwijs verschilt per school. De scholen en docenten maken hun eigen keuzes en leren deze vanuit een gedeeld theoretisch kader beargumenteren.

Een school kan zich richten op het medium taal en taalonderwijs in combinatie met de kunstvakken. Een Technasium kan zich richten op de verbinding van techniek met kunstvakken en filosofie. Weer een andere school profileert zich als Cultuurprofielschool en geeft de kunstvakken een prominente plaats in het curriculum.

In het onderzoekstraject op de pilotscholen onderzoeken wij met cultuur- en kunstvakdocenten welke elementen nu juist specifiek binnen deze vakken aan bod komen die van belang zijn voor de ontwikkeling van het cultureel zelfbewustzijn van de leerlingen. Dit versterkt de legitimering van de kunstvakken binnen het onderwijs. Hetzelfde geldt mutatis mutandis voor de overige cultuurvakken.

Onderzoeksresultaten

Theoretisch kader
Het kader verduidelijkt hoe cultuuronderwijs zich verhoudt zich tot de rest van het curriculum en bepaalt de eigen aard van cultuuronderwijs.

Een uitwerking van de theorie in een leerplankader
Het leerplankader geeft de randvoorwaarden (mogelijkheden en grenzen) voor de leerplannen cultuuronderwijs en helpt de scholen/vakdocenten keuzes te maken, deze verandering(en) wel of niet door te voeren en deze te beargumenteren.

Voorbeelden van lesplannen
Het leerplankader biedt voorbeelden van keuzes die kunnen worden gemaakt wanneer er wordt uitgegaan van het theoretisch kader. De voorbeelden zijn niet generiek maar in de uitwerking schoolgebonden.

Handreikingen
Doorkijkjes/tools/voorbeelden van keuzes: waarom heeft een school/een sectie deze keuze gemaakt (denk aan didactiek, cultuur school, identiteit school, et cetera).

Diagnose-instrument
Hiermee kunnen scholen vaststellen in hoeverre hun (cultuur)onderwijs gericht is op de ontwikkeling van cultureel zelfbewustzijn bij de leerlingen.